Wegmarkeringen in het kort
Hier leer je wat strepen en vlakken op de weg betekenen en waar je wel of niet overheen mag. Elk onderdeel heeft een eigen uitlegpagina.
- Onderbroken streep: daar mag je overheen om in te halen, van rijstrook te wisselen of af te slaan, als het veilig kan. Lange strepen met korte gaten zijn een waarschuwingsstreep.
- Gele onderbroken streep: langs de stoeprand betekent die: niet parkeren. Bij een gele doorgetrokken streep mag je ook niet stilstaan. Op de rijbaan is geel tijdelijk en gaat het voor wit.
- Rijbaan, rijstrook en weg: een rijstrook is één strook voor één rij auto's, de rijbaan het deel van de weg waar voertuigen rijden. Op elke weg houd je zoveel mogelijk rechts.
- Doorgetrokken streep: daar mag je niet overheen, niet om in te halen, van rijstrook te wisselen of af te slaan. Doe je het toch, dan kost dat € 190 tot € 320.
- Verdrijvingsvlakken en zigzagstrepen: over een verdrijvingsvlak of puntstuk rijd je niet, en je staat of parkeert er niet. Een zigzagstreep is alleen een waarschuwing: rij langzamer en let goed op.
- Groene streep op de weg: hier mag je meestal 100 km/u, vaak op een autoweg. Een bord met een andere snelheid gaat voor. De witte strepen zeggen of je mag inhalen.
- Paarse streep op de weg: op sommige wegen buiten de bebouwde kom in de provincie Utrecht mag je 60 km/u. Die 60 staat op de borden, het paars zelf is geen verkeersregel.
Wanneer je over een doorgetrokken streep inhaalt en wat dat kost, lees je bij inhalen over een doorgetrokken streep. De korte blokjes op de snelweg staan bij blokmarkering.


