Inhalen & Positie op de Weg in het kort
Voorsorteren betekent dat je je positie op de weg aanpast aan de richting die je op wilt gaan. Dit voorkomt verwarring en ongelukken. Ga zo dicht mogelijk naar de kant waar je naartoe wilt, bijvoorbeeld rechts als je rechtsaf gaat, en links bij linksaf. Voorsorteer nooit op een zebrapad, want dan hinder je voetgangers.

We voorsorteren hier 'tegen de as' van de weg, Zodat verkeer van achter ons eventueel kan inhalen.
Voorsorteren bij fiets-stroken
Fiets-stroken zijn vaak rood of roze en gescheiden door een streep. Bij een doorgetrokken streep mag je er niet overheen rijden, dus blijf net naast de streep. Bij een onderbroken streep mag je er wel overheen rijden om voor te sorteren, maar let goed op fietsers en snorfietsers.

Je mag voorsorteren op een fietspad om bijvoorbeeld rechtsaf te slaan, maar alleen als het fietspad is aangegeven met onderbroken strepen en je geen andere fietsers hindert. Ook als deze onderbroken strepen heeft, mag je fietsers niet afsnijden.
Rekening houden met grote voertuigen
Vrachtwagens en bussen hebben meer ruimte nodig om te draaien. Soms moet je daarom anders voorsorteren dan normaal, bijvoorbeeld niet helemaal links bij linksaf, maar iets meer naar rechts om hen ruimte te geven.

Een bus heeft veel ruimte nodig om een bocht te nemen. Daarom is het verstandig om voor te sorteren zoals in situatie B (tegen de stoeprand): daar kun je beter gaan staan. Zo geef je de bus de benodigde ruimte en voorkom je dat hij bij het in- of uitrijden van de bocht in de knel komt.
Meerdere rijstroken en snelwegen
Blijf zoveel mogelijk rechts rijden. Op wegen met meerdere rijstroken kies je altijd de meest rechterrijstrook die naar jouw richting leidt. Na inhalen ga je zo snel mogelijk terug naar rechts. Matrixborden geven aan of rijstroken open of gesloten zijn. Spitsstroken kunnen tijdelijk worden geopend tijdens drukte.
Inhalen: geen overzicht = niet inhalen
Inhalen is iemand voorbijrijden. Je doet dat via links, met richting aangeven bij het naar links én bij het teruggaan naar rechts. Terug naar rechts ga je pas als je de voorkant van het ingehaalde voertuig in je binnenspiegel ziet. Inhalen mag alleen als je genoeg ruimte en genoeg overzicht hebt: op een kruispunt, in een bocht op een gewone weg, bij mist en bij een zebrapad haal je niet in. Een doorgetrokken streep aan jouw kant mag je niet overschrijden — behalve als de spitsstrook open is. Rechts inhalen mag alleen bij blokmarkering, in een file, op of voor een rotonde met meerdere rijstroken, bij een tram, en bij iemand die links staat voorgesorteerd.




































