Onderdeel 8 van 9 van Voorrangsregels & Kruispunten

Voorrangsregels voetgangers

Voorrangsregels voetgangers: wanneer gaat een voetganger voor en wanneer niet? Zebrapad, afslaan, uitrit, erf, witte stok en de boetes op een rij.

Auto theorie oefenen

Gratis proefexamen · geen account nodig

Voetgangers zijn weggebruikers, maar geen bestuurders. Daarom krijgen ze geen voorrang omdat ze van rechts komen. Toch laat je ze vaak voorgaan: als je afslaat en zij rechtdoor lopen op dezelfde weg, bij een zebrapad, als je een uitrit uitrijdt en altijd bij iemand die blind is of moeilijk loopt.

Uitleg in een video

Overzicht: wanneer voetgangers voorrang hebben en wanneer niet

De voorrangsregels uit de wet gaan over bestuurders onderling. Voor voetgangers gelden eigen regels. Los een situatie daarom in twee stappen op: zoek eerst uit welke bestuurder als eerste mag, en kijk dan of die bestuurder nog een voetganger moet laten voorgaan.

Het ezelsbruggetje daarbij: buik of rug = gas terug, zij = gas bij. Zie je als bestuurder de buik of de rug van de voetganger, dan volgt hij dezelfde weg als jij. Zie je zijn zij, dan steekt hij jouw weg over en geeft die beweging hem geen voorrang.

Links loopt de voetganger naar de auto toe: de bestuurder ziet zijn buik, dus gas terug. Rechts steekt hij van opzij over: de bestuurder ziet zijn zij, dus gas bij.
Buik of rug = gas terug. Zij = gas bij.

In de tabel zie je per situatie wat je doet als de ander een voetganger is, en wat je doet als het een bestuurder is, zoals een fietser.

SituatieVoetgangerBestuurder (zoals een fietser)
Gelijkwaardig kruispunt, de ander komt van rechtsEen voetganger steekt van rechts voor de rechtdoorgaande lesauto over: de bestuurder ziet zijn zij.
Geen voorrang. Van rechts komen geldt alleen voor bestuurders. Voor een voetganger kijk je naar zijn route: zie je zijn zij, dan is het gas bij.
Bestuurder in deze situatie
Voorrang. Een bestuurder van rechts gaat voor.
Afslaan terwijl iemand op dezelfde weg rechtdoor gaatDe lesauto slaat rechtsaf; de voetganger loopt op dezelfde weg rechtdoor en de bestuurder ziet zijn rug.
Voorrang (buik of rug: gas terug).
De lesauto slaat rechtsaf en wacht op de fietser die rechtdoor gaat.
Voorrang. Rechtdoor gaat voor afslaan.
Bord L2: voetgangersoversteekplaatsZebrapad zonder verkeerslichtenVoetganger in deze situatie
Voorrang als hij oversteekt of zichtbaar wil oversteken.
Een fietser op het zebrapad blijft bestuurder: hij krijgt geen voorrang door het zebrapad.
Geen voorrang door het zebrapad. Een fietser op het zebrapad blijft bestuurder.
Bord B6: voorrang verlenen Haaientanden of bord B6 voor jou. Bord B6 is het driehoekige bord met de punt naar beneden: voorrang verlenen.Voetganger in deze situatie
Niet door de haaientanden. Kijk apart naar de voetgangersregels.
Bestuurder in deze situatie
Voorrang voor bestuurders op de kruisende weg.
Stopbord B7 voor jouVoetganger in deze situatie
Niet door het stopbord. Jij stopt wel altijd.
Bestuurder in deze situatie
Voorrang voor bestuurders op de kruisende weg.
Jij komt van een onverharde wegNiet door de onverharde weg. Die regel gaat over bestuurders.Voorrang voor alle bestuurders op de verharde weg.
Jij rijdt een uitrit uit of een inrit inDe lesauto rijdt een uitrit uit; de voetganger op de doorlopende stoep gaat eerst.
Voorrang. Dit is een bijzondere manoeuvre.
De lesauto rijdt een uitrit uit en wacht op de fietser op straat.
Voorrang. Iedereen gaat voor.
Jij rijdt weg, rijdt achteruit of keertVoetganger in deze situatie
Voorrang. Ook dit zijn bijzondere manoeuvres.
De lesauto wil wegrijden van een parkeerplek en wacht op de fietser.
Voorrang.
Jij verlaat een rotondeVoetganger in deze situatie
Voorrang als hij dezelfde rotonde blijft volgen.
De lesauto verlaat de rotonde en wacht op de fietser op het fietspad.
Voorrang als hij rechtdoor blijft gaan, tenzij hij zelf haaientanden heeft.
Bord G5: erfBinnen een erfVoetganger in deze situatie
Geen algemene voorrang. Hij mag de hele breedte van de weg gebruiken en jij rijdt maximaal 15 km/u. Verlaat je het erf, dan geef je voorrang aan iedereen. Steekt een voetganger over, dan gelden de normale voetgangersregels: buik of rug = gas terug, zij = gas bij.
Op een erf komt een fietser van rechts: de gewone voorrangsregels gelden.
De gewone voorrangsregels.
Een blinde met een witte stok of iemand die zich moeilijk voortbeweegtVoetganger in deze situatie
Altijd voorrang, ook buiten een zebrapad.
Een lesauto wacht op iemand in een scootmobiel die oversteekt.
Altijd voorrang. Ook wie zich met een hulpmiddel op de weg verplaatst, zoals in een scootmobiel, laat je voorgaan.

Spel

Voorrang of geen voorrang?

Tik de weggebruikers aan in de volgorde waarin ze mogen gaan. 9 situaties, van makkelijk naar moeilijk: buik/rug of zij, haaientanden, stopbord, uitrit, krukken en tram.

Situaties uit de Theorio-app.

Zebrapad: ook wie duidelijk wil oversteken

Ook een tram laat een voetganger op het zebrapad voorgaan. Let op wie al oversteekt of duidelijk op het punt staat dat te doen.
Ook een tram laat een voetganger op het zebrapad voorgaan. Let op wie al oversteekt of duidelijk op het punt staat dat te doen.

Bij een zebrapad laat je voetgangers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen voorgaan die oversteken of kennelijk op het punt staan over te steken. Je wacht dus niet tot iemand al midden op de rijbaan staat. Minder snelheid en zoek contact, zonder iemand door te toeteren te laten schrikken. Bord L2 helpt de oversteekplaats herkennen; de zebra is de witte markering op het wegdek.

Regelen verkeerslichten de oversteek, lees dan die lichten: bij rood voetgangerslicht geldt de gewone zebrapadverplichting niet. Een aanwijzing van een bevoegde regelaar gaat voor. Een militaire colonne en een herkenbare uitvaartstoet kennen een specifieke uitzondering op de zebrapadregel; rijd daar niet tussendoor. Dat maakt gevaar veroorzaken of iemand aanrijden uiteraard nooit toegestaan.

Meer over het bord lees je bij bord L2. Inhalen vlak voor of op een zebrapad mag niet: zie inhalen bij een zebrapad.

Afslaan: kijk naar dezelfde weg

Links ziet de afslaande bestuurder de buik van de voetganger, rechts zijn rug: allebei gas terug.
Buik of rug: de voetganger volgt dezelfde weg als jij, dus gas terug.

Sla je af, dan laat je het verkeer dat op dezelfde weg rechtdoor gaat voorgaan. Dat geldt voor de voetganger op het trottoir naast je, maar ook voor iemand die je op dezelfde weg tegemoetloopt. Komt de voetganger juist uit een andere weg en kruist hij jouw rechtdoorgaande route, dan geeft “rechts gaat voor” hem geen voorrang. Controleer steeds ook de andere beschermingsregels.

De app gebruikt “buik/rug gas terug; zij gas bij” om getekende rijroutes te onthouden. Kijk vanuit de bestuurder vóór je afslaat. Gebruik het als geheugensteun, niet als opdracht om te versnellen. Een draai van het hoofd of lichaam verandert de voorrang niet: dezelfde weg en de gevolgde routes beslissen.

Bijzondere manoeuvres

Doe je een bijzondere manoeuvre, dan gaat al het andere verkeer eerst, voetgangers inbegrepen. De wet noemt deze manoeuvres:

De lesauto rijdt achteruit een parkeervak in; achter de auto loopt een voetganger over de parkeerplaats.
Achteruit inparkeren is een bijzondere manoeuvre: de voetganger gaat eerst.
  • wegrijden, bijvoorbeeld van een parkeerplek
  • achteruitrijden
  • uit een uitrit de weg oprijden
  • van de weg een inrit inrijden
  • keren
  • invoegen en uitvoegen
  • van rijstrook wisselen

Een uitrit herken je aan een stoep of fietspad dat doorloopt, vaak met een schuine rand. Hoe je hem herkent en wat het verschil is met een kruispunt, lees je bij de uitrit. Alle manoeuvres op een rij staan bij bijzondere manoeuvres.

Op de rotonde, op een erf en op een parkeerplaats

Bij B blijft de voetganger dezelfde rotonde volgen. De lesauto verlaat de rotonde en slaat af: de voetganger gaat eerst.
Bij B blijft de voetganger dezelfde rotonde volgen. De lesauto verlaat de rotonde en slaat af: de voetganger gaat eerst.

Bij het verlaten van een rotonde sla je af. Laat een voetganger die dezelfde weg blijft volgen eerst gaan. Bij het oprijden of bij een verder van de rotonde gelegen losse oversteek beoordeel je de plaatselijke situatie opnieuw; niet iedere oversteek rond een rotonde heeft automatisch voorrang. Haaientanden zijn voor bestuurders en nemen een voetgangersrecht op dezelfde weg of het zebrapad niet weg.

Bord G5 bij de ingang van een woonerf.
Woonerf: bord G5
Op een woonerf loopt een voetganger midden op de weg.
Voetganger mag de hele breedte gebruiken
Op een woonerf steekt een voetganger over voor een langzame lesauto.
Oversteken: gewone voorrangsregels

Op een erf of parkeerplaats bestaat geen algemene regel “de voetganger gaat altijd voor”. Op een erf mogen voetgangers de hele breedte gebruiken; houd ruimte, rijd maximaal 15 km/u en zo nodig nog langzamer. Ook op parkeerplaatsen verwacht je mensen tussen geparkeerde auto’s en kinderen die moeilijk zichtbaar zijn.

Let op: oversteken op een erf

Steekt een voetganger op een erf over, dan gelden gewoon de normale voorrangsregels voor voetgangers: buik of rug = gas terug, zij = gas bij.

Rij je een erf uit over een doorlopende stoep, dan rijd je een uitrit uit: iedereen gaat voor, ook de voetganger op die stoep. Het bord bij de ingang is bord G5.

Wie vallen er onder voetgangers?

Fiets aan de hand, skateboard of skeelers: deze mensen op de stoep volgen allemaal de regels voor voetgangers.
Fiets aan de hand, skateboard of skeelers: deze mensen op de stoep volgen allemaal de regels voor voetgangers.

Niet alleen wie gewoon loopt, volgt de regels voor voetgangers. De wet rekent ook mensen mee die iets aan de hand meenemen of zich met een hulpmiddel verplaatsen dat geen voertuig is.

WieVoetganger of bestuurder?
Iemand die loopt of hardlooptVoetganger
Iemand die de hond uitlaatVoetganger
Iemand met een kinderwagen, rollator of krukkenVoetganger
Iemand die een fiets, snorfiets, bromfiets of motor aan de hand meevoertVoetganger
Iemand op skeelers, een skateboard of een step zonder motorVoetganger
Iemand in een rolstoel of scootmobiel op de stoep, of die van stoep naar stoep oversteektVolgt de regels voor voetgangers
Iemand die fietst, of op een snorfiets of bromfiets rijdtBestuurder
Een ruiter, of iemand die een paard aan de hand leidtBestuurder
Een ruiter op een paard op de weg.
Ruiter: bestuurder
Iemand leidt een paard aan de hand langs de weg.
Paard aan de hand: bestuurder

Het paard is de uitzondering die op het examen vaak terugkomt. Wie een rijdier, trekdier of vee leidt, telt als bestuurder. Op een gelijkwaardig kruispunt geldt voor hem dus gewoon dat rechts voorgaat. Een hond valt daar niet onder.

Situaties waarin een voetganger altijd voorrang krijgt

Een witte stok met rode ringen, krukken, een rollator of duidelijke loopproblemen vragen om op tijd afremmen en ruimte geven.
Een witte stok met rode ringen, krukken, een rollator of duidelijke loopproblemen vragen om op tijd afremmen en ruimte geven.

Laat blinden met een witte stok met één of meer rode ringen en andere personen die zich moeilijk voortbewegen voorgaan. Denk aan iemand met krukken, een rollator of een lichamelijke beperking. Dit geldt ook buiten een zebrapad: hun bescherming is niet afhankelijk van van rechts komen.

Steekt iemand de witte stok uit om duidelijk te maken dat hij wil oversteken? Neem dat signaal tijdig waar, verminder snelheid en stop waar nodig zodat hij veilig kan oversteken. Houd voldoende afstand, geef hem tijd en voorkom verwarring met een claxon of onduidelijke handgebaren. De basis is artikel 49 RVV.

Wie krijgt die extra bescherming wel, en wie niet?

  • Wel: een blinde met een witte stok met rode ringen, iemand met krukken, iemand met een rollator en iedereen die zichtbaar moeite heeft met lopen.
  • Niet vanzelf: iemand met een kinderwagen, een ouder met kinderen of iemand met een hond. Voor hen gelden de gewone regels. Rij wel extra voorzichtig, want kinderen doen vaak iets onverwachts.
  • Geleidehond: de wet noemt alleen de witte stok. Een blinde met een geleidehond geef je in de praktijk dezelfde ruimte.

Neemt iemand voorrang die hij niet heeft?

Stapt een voetganger de weg op terwijl jij eerst mocht? Rem dan af en laat hem gaan. Voorrang eis je niet terug. De wet verbiedt iedereen om gevaar te veroorzaken (artikel 5 Wegenverkeerswet 1994), dus ook de bestuurder die gelijk heeft.

Boetes bij geen voorrang verlenen

De boete bij een zebrapad is niet het enige risico. Een voetganger is kwetsbaar: een fout kost hem snel letsel. Weet daarom in elke situatie wat je moet doen, ook als er geen bord staat.

BeeldOvertredingFeitcodeBoete (auto)
Bord L2: voetgangersoversteekplaatsEen voetganger op of bij een zebrapad niet laten voorgaanR 482Geen vast tarief: het OM bepaalt de straf. Indicatie: ongeveer € 460 (Univé, 2026)
Situatie bij deze overtredingEen blinde met een witte stok niet laten voorgaanR 481 aGeen vast tarief: het OM bepaalt de straf. Indicatie: ongeveer € 460 (Univé, 2026)
Situatie bij deze overtredingIemand die zich moeilijk voortbeweegt niet laten voorgaanR 481 bGeen vast tarief: het OM bepaalt de straf. Indicatie: ongeveer € 460 (Univé, 2026)
De lesauto slaat rechtsaf; de voetganger loopt naar de auto toe over de zijstraat.Bij het afslaan het verkeer op dezelfde weg niet laten voorgaanR 347 a, b en c€ 320 (OM, 2026)
De lesauto rijdt een uitrit uit; de voetganger op de stoep gaat eerst.Uit een uitrit de weg oprijden zonder iedereen voor te laten gaanR 507€ 320 (OM, 2026)
Situatie bij deze overtredingWegrijden, achteruitrijden, een inrit inrijden of keren zonder iedereen voor te laten gaanR 505, R 506, R 508, R 509€ 320 (OM, 2026)

Bedragen 2026 voor een auto, zonder € 9 administratiekosten (OM Boetebase, Feitenboekje januari 2026). Voor R 481 en R 482 staat er geen tarief in de lijst. Het zijn OM-feiten: de officier van justitie bepaalt de straf, of de zaak gaat naar de rechter. Raak je iemand, dan kan het een strafzaak worden.

CBR-valkuilen voor voorrangsregels van voetgangers

Van links of van rechts: de voetganger steekt van opzij over, dus zij = gas bij.

❌ Fout: een voetganger van rechts voor laten gaan omdat hij van rechts komt. ✅ Goed: "rechts gaat voor" geldt alleen voor bestuurders.

De lesauto rijdt een uitrit uit; de voetganger op de doorlopende stoep gaat eerst.

❌ Fout: bij een uitrit alleen op auto's en fietsers wachten. ✅ Goed: de voetganger op de stoep gaat ook voor.

Lesauto bij haaientanden en een stopbord, met een voetganger die de zijweg oversteekt.

❌ Fout: een voetganger voor laten gaan omdat jij een stopbord of haaientanden hebt. ✅ Goed: stopborden en haaientanden gelden alleen voor bestuurders. Voor de voetganger kijk je naar de voetgangersregels.

Oefenen zoals op het examen

Voorbeeldvragen zoals op het CBR-examen

Echte vragen uit de Theorio-app. Soortgelijke vragen kun je verwachten op je CBR-examen.

Vraag 1 van 4

Moet je de voetganger voor laten gaan?

Klik op het antwoord dat jij goed vindt.

Antwoordopties

Antwoorden en uitleg bij de voorbeeldvragen

  1. Vraag 1: Moet je de voetganger voor laten gaan?

    Juiste antwoord: Ja

    Ja, jij moet wachten. Jij komt uit de straat. Je rijdt over een drempel. De voetganger loopt op de stoep. De stoep is voor de voetganger. Daarom mag de voetganger eerst.

  2. Vraag 2: Je wilt wegrijden. Moet je de voetganger die wilt oversteken voor laten gaan?

    Juiste antwoord: Ja

    Ja, je moet de voetganger voor laten gaan. Je bent bezig met wegrijden uit stilstand, wat een bijzondere manoeuvre is. Je moet voorrang verlenen aan alle weggebruikers. 🅿️

  3. Vraag 3: Je rijdt achteruit het parkeervak in. Moet je de voetganger voor laten gaan?

    Juiste antwoord: Ja

    Ja, je moet de voetganger voor laten gaan. Achteruitrijden en parkeren zijn bijzondere manoeuvres. Je moet hierbij alle weggebruikers voorrang verlenen. 🚶

  4. Vraag 4: Wie kan je op een voetgangersoversteekplaats verwachten?

    Juiste antwoord: Voetgangers en gehandicaptenvoertuigen

    Op een voetgangersoversteekplaats (zebrapad) mag je voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig verwachten. Fietsers mogen hier geen gebruik van maken. ♿

FAQ

Veelgestelde vragen

Korte antwoorden op vragen die vaak terugkomen bij dit onderwerp.

Is iemand op skeelers een voetganger?

Ja. Iemand op skeelers, een skateboard of een gewone ongemotoriseerde step volgt de voetgangersregels. Dat geldt ook voor iemand die met een fiets of bromfiets aan de hand loopt. Een gemotoriseerde e-step kun je niet zonder meer als zo’n gewone step behandelen; de voertuigcategorie en toelating bepalen de regels.

Is iemand die een paard aan de hand leidt een voetganger?

Nee. Wie een paard aan de hand leidt, is een bestuurder, net als een ruiter. Komt hij op een gelijkwaardig kruispunt van rechts, dan gaat hij voor.

Gaat een voetganger voor als jij bij een stopbord staat?

Niet alleen doordat jij bij een stopbord staat. Als B7 de situatie regelt, stop je volledig en verleen je voorrang aan bestuurders op de kruisende weg. Beoordeel de voetganger apart: dezelfde weg bij afslaan, een zebrapad, een uitrit of kwetsbare mobiliteit kan betekenen dat je hem wél laat voorgaan. Alleen zijn zichtbare lichaamszijde bepaalt dat niet.

Heeft een voetganger met een kinderwagen voorrang?

Niet door de kinderwagen. Voor iemand met een kinderwagen gelden dezelfde regels als voor elke andere voetganger: op een zebrapad, bij een uitrit en als jij afslaat terwijl hij rechtdoor loopt, gaat hij voor. Op andere plekken niet. De extra bescherming uit artikel 49 RVV is voor blinden met een witte stok en voor mensen die zich moeilijk voortbewegen.

Hoe hoog is de boete als je een voetganger op een zebrapad geen voorrang geeft?

Daar staat geen vast bedrag voor. Feitcode R 482 is een OM-feit: de officier van justitie bepaalt de straf, of de zaak komt bij de rechter. Dat is anders dan bijvoorbeeld afslaan zonder het verkeer op dezelfde weg voor te laten gaan: daarvoor betaal je met een auto in 2026 een vast bedrag van € 320 plus € 9 administratiekosten.

Klaar om te oefenen?

Test je kennis van Voorrangsregels & Kruispunten met 35 oefenvragen in de app.

Auto theorie oefenen

Gratis proefexamen · geen account nodig

Je eerste quiz is gratis en zonder account. Daarna vanaf €34,99 voor 90 dagen toegang.