Onderdeel 3 van 8 van Verkeersborden, Signalen & Richtingen

Waarschuwingsborden

Waarschuwingsborden zijn driehoekig met een rode rand en waarschuwen voor gevaar verderop. Wat je moet doen, hoe ver het gevaar is en de examenvallen.

Verkeersborden oefenen

Alle CBR-borden · gratis beginnen

Een waarschuwingsbord is een driehoekig bord met een rode rand en de punt naar boven. Het staat er als je een gevaar verderop anders niet of niet op tijd zou zien: een scherpe bocht, een drempel, overstekende kinderen. Het bord schrijft zelf geen snelheid voor. Jij past je snelheid en je aandacht aan op wat er komt.

Wat moet je doen bij een waarschuwingsbord?

Een driehoekig verkeersbord met een rode rand en de punt omhoog is een waarschuwingsbord. Het zegt: verderop is gevaar dat je nu misschien nog niet ziet. Jij past je rijgedrag aan waar dat nodig is.

Het bord verplicht of verbiedt geen bepaalde snelheid. Wel geldt altijd artikel 19 van het RVV 1990: je moet kunnen stoppen binnen de afstand die je kunt overzien en die vrij is.

Dus: neem gas terug voor een scherpe bocht Bord J2: bocht naar rechts of een drempel Bord J38: verkeersdrempel. Kijk extra goed om je heen bij overstekende kinderen Bord J21: kinderen. Bij elk bord automatisch remmen hoeft niet.

De andreaskruisen Bord J12: andreaskruis bij een overweg met één spoor Bord J13: dubbel andreaskruis bij een overweg met meer sporen bij een overweg zijn een uitzondering: die zijn niet driehoekig. En een driehoek met de punt naar beneden Bord B6: voorrang verlenen is géén waarschuwingsbord. Dat is bord B6: voorrang verlenen. Zie voorrangskruispunt.

Bord J21: waarschuwing voor kinderen
J21 waarschuwt voor kinderen. Kijk extra goed en wees klaar om te remmen.

Onderborden bij waarschuwingsborden

Een onderbord onder een waarschuwingsbord vertelt meer over het gevaar:

  • Bord J37 met onderbord "uitrijdende brandweer" Wat voor gevaar: bord J37 (een uitroepteken) zegt alleen dat er gevaar is. Welk gevaar, staat op het onderbord, met tekst of een symbool.
  • Bord J16 werk in uitvoering met onderbord 300 m zonder pijlen Hoe ver nog: een afstand zonder pijlen, zoals "300 m", betekent dat het gevaar pas na die afstand begint.
  • Bord J1 slecht wegdek met onderbord 2 km tussen twee pijlen omhoog Hoe lang: een lengte met pijlen betekent dat het gevaar vanaf het bord over die lengte doorloopt, bijvoorbeeld een stuk slecht wegdek.
  • Bord J32 verkeerslichten met onderbord 150 m Verkeerslichten (J32): buiten de bebouwde kom staat de afstand tot de verkeerslichten op een onderbord.

Meer over afstanden, pijlen en uitzonderingen lees je bij onderborden.

Overzicht van waarschuwingsborden

Dit zijn waarschuwingsborden die je veel ziet, per soort gevaar.

De weg zelf

  • Bord J1: slecht wegdek Bord J1 (slecht wegdek): een stuk weg met gaten, scheuren of hobbels.
  • Bord J2: bocht naar rechts Bord J2 en J3 (bocht naar rechts / links): een scherpe bocht verderop. Neem op tijd gas terug.
  • Bord J4: S-bocht, eerst naar rechts Bord J4 (S-bocht, eerst naar rechts): twee bochten achter elkaar; de eerste gaat naar rechts.
  • Bord J5: S-bocht, eerst naar links Bord J5 (S-bocht, eerst naar links): het spiegelbeeld van J4: de eerste bocht gaat naar links.
  • Bord J20: slipgevaar Bord J20 (slipgevaar): kans op slippen, bijvoorbeeld op een glad of nat wegdek.
  • Bord J38: verkeersdrempel Bord J38 (verkeersdrempel): een verhoging dwars over de weg.

Andere weggebruikers

  • Bord J21: kinderen Bord J21 (kinderen): kinderen kunnen oversteken, bijvoorbeeld bij een school of speelplaats.
  • Bord J23: voetgangers Bord J23 (voetgangers): voetgangers op of vlak naast de rijbaan.
  • Bord J27: groot wild Bord J27 (groot wild): herten of zwijnen kunnen de weg op lopen.

Verkeer en omstandigheden

  • Bord J33: file Bord J33 (file): stilstaand of langzaam rijdend verkeer verderop.
  • Bord J35: slecht zicht Bord J35 (slecht zicht): zicht beperkt door sneeuw, regen of mist.
  • Bord J37: gevaar Bord J37 (gevaar): ander gevaar; wat het is, staat op het onderbord.

Alle waarschuwingsborden op een rij

Hier staan alle waarschuwingsborden, met wat je bij elk bord doet. J12 en J13 zijn andreaskruisen bij het spoor, dus geen rode driehoeken.

BordBetekenis en jouw reactie
J1: Slecht wegdekJ1: Slecht wegdek
Neem gas terug en ontwijk kuilen alleen als dat veilig kan.
J2: Bocht naar rechtsJ2: Bocht naar rechts
Pas je snelheid vóór de rechterbocht aan.
J3: Bocht naar linksJ3: Bocht naar links
Pas je snelheid vóór de linkerbocht aan.
J4: S-bocht(en), eerst naar rechtsJ4: S-bocht(en), eerst naar rechts
De eerste bocht gaat rechts, de volgende links. Rem vóór de bochten.
J5: S-bocht(en), eerst naar linksJ5: S-bocht(en), eerst naar links
De eerste bocht gaat links, de volgende rechts.
J6: Steile hellingJ6: Steile helling
Kies tijdig een geschikte versnelling; houd rekening met terugrollen.
J7: Gevaarlijke dalingJ7: Gevaarlijke daling
Gebruik een geschikte lagere versnelling en voorkom oververhitte remmen.
J8: Gevaarlijk kruispuntJ8: Gevaarlijk kruispunt
Kijk naar voorrangsborden en de kruising; dit bord geeft zelf geen voorrang.
J9: RotondeJ9: Rotonde
Nader rustig; de borden en haaientanden bepalen wie voorrang heeft.
J10: Overweg met slagbomenJ10: Overweg met slagbomen
Stop voor rood of sluitende bomen. Rijd pas op als de overweg helemaal vrij is.
J11: Overweg zonder slagbomenJ11: Overweg zonder slagbomen
Kijk en luister extra goed. Zonder slagbomen kunnen er toch treinen komen.
J12: Overweg met enkel spoorJ12: Overweg met enkel spoor
Eén andreaskruis markeert een overweg met één spoor.
J13: Overweg met twee of meer sporenJ13: Overweg met twee of meer sporen
Dubbel andreaskruis: twee of meer sporen; verwacht ook een tweede trein.
J14: Tram(kruising)J14: Tram(kruising)
Controleer of een tram nadert en beoordeel de voorrang apart.
J15: Beweegbare brugJ15: Beweegbare brug
Houd rekening met wachtrijen, rode lichten en een geopende brug.
J16: Werk in uitvoeringJ16: Werk in uitvoering
Pas snelheid en afstand aan; volg tijdelijke aanwijzingen en markering.
J17: RijbaanversmallingJ17: Rijbaanversmalling
De rijbaan wordt aan beide kanten smaller; bepaal wie ruimte nodig heeft.
J18: Rijbaanversmalling rechtsJ18: Rijbaanversmalling rechts
De versmalling zit rechts; kijk tijdig naar tegenliggers.
J19: Rijbaanversmalling linksJ19: Rijbaanversmalling links
De versmalling zit links; houd rekening met uitwijkend verkeer.
J20: SlipgevaarJ20: Slipgevaar
Rijd rustiger en stuur, rem en versnel geleidelijk.
J21: KinderenJ21: Kinderen
Houd rekening met onverwacht overstekende kinderen; wees klaar om te remmen.
J22: VoetgangersoversteekplaatsJ22: Voetgangersoversteekplaats
Verderop ligt een zebrapad; kijk of iemand oversteekt of dat duidelijk wil.
J23: VoetgangersJ23: Voetgangers
Voetgangers kunnen op of naast de rijbaan lopen; geef ruimte.
J24: Fietsers en bromfietsersJ24: Fietsers en bromfietsers
Kijk uit voor fietsers en bromfietsers die de weg kruisen.
J25: Losliggende stenenJ25: Losliggende stenen
Neem gas terug en houd afstand om steenslag en wegglijden te beperken.
J26: Kade of rivieroeverJ26: Kade of rivieroever
Houd afstand tot de rand: achter de berm kan direct water liggen.
J27: Groot wildJ27: Groot wild
Let op bermen en bosranden; dieren kunnen onverwacht oversteken.
J28: VeeJ28: Vee
Houd rekening met vee op de weg en geef mens en dier ruimte.
J29: TegenliggersJ29: Tegenliggers
Vanaf hier kun je tegenliggers op dezelfde rijbaan verwachten.
J30: Laagvliegende vliegtuigenJ30: Laagvliegende vliegtuigen
Laat je niet afleiden door laagvliegende vliegtuigen en plotseling lawaai.
J31: ZijwindJ31: Zijwind
Houd het stuur stevig vast en verwacht windvlagen, vooral bij open stukken.
J32: VerkeerslichtenJ32: Verkeerslichten
Verwacht verkeerslichten en verkeer dat daarvoor afremt.
J33: FileJ33: File
Neem tijdig gas terug, vergroot de afstand en kijk ver vooruit.
J34: OngevalJ34: Ongeval
Verminder vaart en geef hulpdiensten en betrokkenen ruimte.
J35: Slecht zichtJ35: Slecht zicht
Stem snelheid en afstand af op wat je werkelijk kunt zien.
J36: IJzel of sneeuwJ36: IJzel of sneeuw
Houd extra afstand; vermijd plotseling sturen of remmen.
J37: Gevaar zie onderbordJ37: Gevaar zie onderbord
Lees het onderbord: dat vertelt welk gevaar je nadert.
J38: VerkeersdrempelJ38: Verkeersdrempel
Verminder je snelheid vóór de drempel. Een drempel alleen stelt geen wettelijke limiet vast.
J39: Poller in de rijbaanJ39: Poller in de rijbaan
Let op de beweegbare paal en volg het toegangssignaal.

Hoe ver staat een waarschuwingsbord voor het gevaar?

Daar is geen vaste afstand voor. De wegbeheerder plaatst het bord waar het gevaar anders niet of niet op tijd te zien is, en zo dat je nog rustig kunt reageren. Hoe ver dat is, hangt af van de weg, de snelheid die er gereden wordt en hoe goed je het gevaar zelf ziet aankomen. Het gevaar kan dus vlak na het bord komen, of pas een flink stuk verder.

Is de afstand belangrijk, dan staat die op een onderbord. Zie je geen onderbord, verwacht het gevaar dan vanaf het bord.

J16 waarschuwt voor wegwerkzaamheden. Kijk vooruit, pas je snelheid aan en volg de tijdelijke verkeersmaatregelen.
J16 kondigt wegwerkzaamheden aan. Hoe ver vóór het werk het bord staat, hangt af van de situatie. Lees een onderbord met een afstand altijd mee.

Waarschuwingsborden die het CBR vaak vraagt

Bij deze borden moet je op het examen verder denken dan "pas op": er hoort een regel bij.

  • Bord J8: gevaarlijk kruispunt Bord J8 (gevaarlijk kruispunt): het bord zegt niets over voorrang. Zie je bij het kruispunt geen voorrangsborden of haaientanden, dan is het gelijkwaardig: zie gelijkwaardig kruispunt.
  • Bord J10: overweg met slagbomen Bord J10 en J11 (overweg met / zonder slagbomen): verderop kruist een spoorweg. Wat je bij de overweg doet, staat bij spoorwegovergang.
  • Bord J22: voetgangersoversteekplaats Bord J22 (voetgangersoversteekplaats): er komt een zebrapad. Wie daar oversteekt of duidelijk wil oversteken, laat je voorgaan.
  • Bord J17: rijbaanversmalling Bord J17 (rijbaanversmalling): de weg wordt smaller. Het bord zegt niet wie er voorgaat; dat regelen de borden F5 en F6.

CBR-valkuilen voor waarschuwingsborden

Links bord J38 verkeersdrempel, rechts bord J1 slecht wegdek

❌ Fout: de verkeersdrempel (J38) en slecht wegdek (J1) door elkaar halen. ✅ Goed: J38 is één drempel dwars over de weg. J1 is een langer stuk weg met gaten of hobbels.

Links bord J4 (eerst naar rechts), rechts bord J5 (eerst naar links)

❌ Fout: J4 en J5 verwisselen. ✅ Goed: kijk waar de weg vanaf de onderkant van het bord eerst heen buigt. J4: eerst naar rechts. J5: eerst naar links.

De lesauto rijdt langs een waarschuwingsbord voor slecht wegdek; het bord geeft geen maximumsnelheid.

❌ Fout: denken dat een waarschuwingsbord een maximumsnelheid geeft. ✅ Goed: het bord waarschuwt alleen. Jij past je snelheid aan, zodat je op tijd kunt stoppen.

Links bord B6 met de punt naar beneden, rechts het waarschuwingsbord J8 met de punt omhoog

❌ Fout: een driehoek met de punt naar beneden lezen als waarschuwingsbord. ✅ Goed: dat is bord B6: voorrang verlenen.

Kruispunt zonder voorrangsborden of haaientanden: de blauwe auto van links laat de lesauto voorgaan.

❌ Fout: bij bord J8 denken dat jij voorrang hebt, of juist moet geven. ✅ Goed: J8 regelt geen voorrang. Kijk naar voorrangsborden en haaientanden. Zijn die er niet, dan gaat verkeer van rechts voor.

Bord J37 met onderbord "uitrijdende brandweer"

❌ Fout: bord J37 lezen zonder het onderbord. ✅ Goed: het uitroepteken zegt alleen "gevaar". Het onderbord zegt welk gevaar.

Oefenen zoals op het examen

Voorbeeldvragen zoals op het CBR-examen

Echte vragen uit de Theorio-app. Soortgelijke vragen kun je verwachten op je CBR-examen.

Vraag 1 van 6

Een verkeersdrempel wordt aangelegd in gebieden zoals woonwijken om de snelheid te verminderen. Je mag er maximaal 30 km/u overheen rijden.

Bij welk bord kan je een verkeersdrempel verwachten?

Klik op het antwoord dat jij goed vindt.

Antwoordopties

Antwoorden en uitleg bij de voorbeeldvragen

  1. Vraag 1: Bij welk bord kan je een verkeersdrempel verwachten?

    Juiste antwoord: Bord A

    Bord A waarschuwt voor een verkeersdrempel. Je herkent dit aan één heuveltje op het bord, wat aangeeft dat je één keer op en neer gaat. Bord B waarschuwt voor een slecht wegdek. Dit bord heeft twee heuveltjes, wat betekent dat je meerdere keren op en neer gaat door de slechte staat van de weg.

  2. Vraag 2: Waarschuwt dit bord voor een drempel?

    Juiste antwoord: Nee

    Veelgemaakte fout: dit bord waarschuwt voor een elektrisch in- en uitschuifbare paal in de rijbaan. Het is geen drempel.

  3. Vraag 3: Waarschuwt dit verkeersbord voor overstekend vee?

    Juiste antwoord: Nee

    Strikvraag!, Dit bord waarschuwt voor groot wild (herten, zwijnen etc.), niet voor overstekend vee (koeien, schapen, varkens, etc.). Wees alert, vooral in de schemering. 🦌

  4. Vraag 4: Waar waarschuwt dit bord voor?

    Juiste antwoord: Losliggende steentjes

    Dit bord waarschuwt voor losliggende steentjes op de weg. Deze steentjes kunnen gevaarlijk zijn omdat ze schade kunnen veroorzaken aan voertuigen of ruiten.

  5. Vraag 5: Welk bord geeft een waarschuwing voor een daling aan?

    Juiste antwoord: Bord A

    Bord A 📉 geeft een daling aan: de weg gaat omlaag, van links boven naar rechts onder, vergelijkbaar met een neergaande grafiek. Bord B 📈 geeft een helling aan: de weg gaat omhoog, van links onder naar rechts boven, vergelijkbaar met een stijgende grafiek.

  6. Vraag 6: Bij welk bord kan je een bocht naar rechts verwachten?

    Juiste antwoord: Beide borden

    Bord A: scherpe bocht rechts. Bord B: eerst links, dan rechts. Beide borden geven een bocht naar rechts aan. 🏎️

FAQ

Veelgestelde vragen

Korte antwoorden op vragen die vaak terugkomen bij dit onderwerp.

Is een driehoek met de punt naar beneden een waarschuwingsbord?

Nee. De omgekeerde driehoek is B6: verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg. De gebruikelijke driehoekige waarschuwingsborden hebben hun punt omhoog; de andreaskruisen J12/J13 zijn uitzonderingen op die driehoekige vorm.

Moet je bij een waarschuwingsbord altijd langzamer rijden?

Niet automatisch. Het bord geeft geen snelheid, maar je moet altijd binnen de afstand die je overziet kunnen stoppen (artikel 19 RVV). Pas je snelheid dus aan waar het gevaar daarom vraagt.

Hoe ver voor het gevaar staat een waarschuwingsbord?

Er is geen vaste afstand. Het hangt af van de weg, de snelheid en het zicht. Is de afstand van belang, dan staat die op een onderbord, bijvoorbeeld 300 m.

Wat is het verschil tussen bord J4 en bord J5?

Allebei waarschuwen ze voor een S-bocht. Bij J4 gaat de eerste bocht naar rechts, bij J5 naar links.

Klaar om te oefenen?

Test je kennis van Verkeersborden, Signalen & Richtingen met 90 oefenvragen in de app.

Verkeersborden oefenen

Alle CBR-borden · gratis beginnen

Je eerste quiz is gratis en zonder account. Daarna vanaf €34,99 voor 90 dagen toegang.