Theorie-examen 2026
Adaptive cruise control (ACC)
Houdt snelheid én afstand tot je voorganger. Ziet stilstaand verkeer vaak slecht.
Gewone cruise control houdt één snelheid vast. Adaptive cruise control kijkt ook vooruit en past je snelheid aan op de auto vóór je. Precies dat vooruitkijken is waar de meeste examenvragen over gaan want het systeem ziet lang niet alles.
Hoe werkt het?
Een radar in de grille, vaak aangevuld met een camera achter de voorruit, meet continu de afstand en de snelheidsverschillen met de auto vóór je. Rijdt die langzamer, dan laat ACC gas los of remt hij mee. Is de weg weer vrij, dan trekt hij terug op naar de snelheid die jij hebt ingesteld.
De volgafstand is instelbaar, meestal in drie of vier standen. In veel auto’s werkt ACC vanaf ongeveer 30 km/u; systemen met stop-and-go volgen ook in de file en komen zelf tot stilstand.
Wat het CBR hierover vraagt
- Je stelt de volgafstand in op wat volgens de rijprocedure veilig is, niet op wat het handigst wegrijdt. Een korte stand kiezen omdat er anders steeds iemand invoegt, is precies de negatieve gedragsaanpassing waar het CBR op let.
- Je blijft de auto én het verkeer volgen terwijl ACC het werk doet. Het systeem neemt het rijden over, niet het kijken.
- Je houdt een actieve rijhouding aan: handen aan het stuur, voet bij de rem, klaar om het direct over te nemen.
Dit systeem valt onder deze richtlijnen uit de Rijprocedure B:
Beperkingen: Hier zitten de examenvragen
Stilstaand verkeer wordt vaak niet gezien
Dit is de belangrijkste beperking. De radar is afgesteld op bewegende objecten, zodat hij niet remt voor elk verkeersbord of vangrail. Een volledig stilstaande file kan daardoor te laat of helemaal niet worden herkend. Rijd je met 100 km/u op een staartje file af, dan moet jij remmen.
Invoegers worden laat opgepikt
Schuift er iemand vlak vóór je in, dan duurt het even voordat de radar dat als nieuwe voorganger ziet. In die seconden is je volgafstand korter dan je denkt.
Weer en vuil verstoren de meting
Sneeuw, opgedroogde modder of ijs op de grille leggen de radar plat. Vaak krijg je een melding, maar niet altijd meteen.
ACC houdt geen rekening met de weg zelf
Het systeem kijkt naar de auto vóór je, niet naar een scherpe bocht, een afrit of een snelheidsbord. In een bocht kan ACC de ingestelde snelheid gewoon vasthouden.
Drie oefenvragen
Klap open voor het antwoord en de uitleg.
Je rijdt met ACC 100 km/u op de snelweg en ziet in de verte een volledig stilstaande file. Wat doe je?
- Zelf remmen; ACC herkent stilstaand verkeer vaak te laat of niet
- Niets, ACC remt de auto veilig tot stilstand
- De volgafstand op de langste stand zetten
- Alleen de cruise control uitschakelen en uitrollen
Juiste antwoord: Zelf remmen; ACC herkent stilstaand verkeer vaak te laat of niet
Uitleg: De radar is geoptimaliseerd voor bewegende objecten. Een stilstaande file valt daar buiten en wordt regelmatig genegeerd. Jij blijft verantwoordelijk voor tijdig remmen.
Op welke volgafstand hoor je ACC in te stellen als er regelmatig auto’s vóór je invoegen?
- Op een afstand die volgens de rijprocedure veilig is
- Op de kortste stand, zodat er niemand meer tussen past
- Op de stand die de fabrikant als standaard heeft ingesteld
- Dat maakt niet uit, het systeem corrigeert toch zelf
Juiste antwoord: Op een afstand die volgens de rijprocedure veilig is
Uitleg: Instellingen moeten bijdragen aan het gewenste rijgedrag. Korter gaan volgen omdat de auto toch wel remt, is negatieve gedragsaanpassing een van de uitgangspunten uit de Rijprocedure B.
Wat doet ACC als je met ingeschakelde cruise control een scherpe bocht nadert?
- Niets bijzonders; ACC kijkt naar de auto vóór je, niet naar de bocht
- Hij remt automatisch af voor de bocht
- Hij schakelt zichzelf uit zodra je stuurt
- Hij neemt de snelheid over van het laatste verkeersbord
Juiste antwoord: Niets bijzonders; ACC kijkt naar de auto vóór je, niet naar de bocht
Uitleg: Zonder voorganger houdt ACC gewoon de ingestelde snelheid aan. Aanpassen aan de weg is jouw taak, niet die van het systeem.
Geschreven op basis van de officiële CBR Rijprocedure B. Dit zijn geen echte examenvragen.
Test of je de nieuwe vraagstijl aankunt
Drie quizzes van tien vragen over rijhulpsystemen, in de stijl waarop het CBR per 1 oktober toetst. Direct uitleg bij elk antwoord.
De systemen waar het over gaat
Rijstrookassistent (LKA)
Stuurt bij als je over de belijning gaat. Werkt niet zonder zichtbare strepen.
Automatische noodrem (AEB)
Remt zelf bij een dreigende botsing. Bedoeld als laatste redmiddel, niet als rijstijl.
Dodehoekdetectie (BSD)
Waarschuwt voor verkeer naast je. Vervangt de schouderblik niet.
Snelheidsassistent (ISA)
Leest borden en kaartdata. Kan de verkeerde limiet tonen bij wegwerkzaamheden.
Vermoeidheidsdetectie
Signaleert stuurgedrag dat op vermoeidheid wijst. Een waarschuwing, geen meting.
Parkeerassistent en parkeerhulp
Stuurt of parkeert mee. Jij blijft verantwoordelijk voor wat er achter je gebeurt.
ABS en ESP
De oudste rijhulpsystemen. Houden je stuurbaar, maar verkorten je remweg niet altijd.