Wegmarkeringen & Kruispunten in het kort
Wegmarkeringen en hun betekenis
Wegmarkeringen geven aan waar je mag rijden en wanneer je van rijstrook mag wisselen. Een doorgetrokken streep mag je niet overschrijden, terwijl een onderbroken streep dat wel toestaat. Verdrijvingsvlakken zijn bedoeld om je van de weg te 'verdrijven' en mag je niet oprijden, tenzij de vluchtstrook open is.
Verkeerslichten en hun signalen
Verkeerslichten regelen het verkeer bij kruispunten. Groen betekent rijden, oranje/geel betekent stoppen als dat veilig kan, en rood betekent stoppen. Pijltjes op verkeerslichten geven aan welke richting je moet volgen. Let goed op of het verkeerslicht rond is (tegenliggers mogelijk) of een pijl toont (geen tegenliggers).
Veilig oversteken bij kruispunten
Kruispunten zijn gevaarlijke plekken waar je extra alert moet zijn. Let op verkeerslichten, wegmarkeringen en mogelijke fietsers. Bij een geel waarschuwingslicht ben je niet verplicht te stoppen, maar wees wel extra voorzichtig. Verkeersregelaars kunnen het verkeer tijdelijk regelen.