Illustratie van een militaire colonne met konvooivlag als bijzondere weggebruiker

Bijzondere Manoeuvres & Voertuigen

75 Vragen
Moeilijk
1 Onderdelen

Voorrangsvoertuigen, trams, militaire colonnes, uitvaartstoeten en grote voertuigen, en wie er wacht bij bijzondere manoeuvres zoals keren en achteruitrijden.

Auto theorie oefenen

Gratis proefexamen · geen account nodig

Leerstof

Wat ga je leren?

Voorrangsvoertuigen met zwaailicht en sirene laat je altijd voorgaan, net als een tram op een gelijkwaardig kruispunt. En doe je een bijzondere manoeuvre, zoals keren, achteruitrijden of wegrijden, dan laat je al het andere verkeer eerst gaan.

Bijzondere Manoeuvres & Voertuigen in het kort

Hier leer je welke voertuigen eigen voorrangsregels hebben en wie wacht bij een bijzondere manoeuvre. Elk onderdeel heeft een eigen uitlegpagina.

  • Voorrangsvoertuigen: dat is een hulpdienst met blauw zwaailicht én sirene. Laat hem voorgaan en maak veilig ruimte, maar rij niet door rood en niet over de busstrook.
  • Voorrangsregels voor de tram: op een gelijkwaardig kruispunt gaat de tram ook van links voor, en een afslaande tram gaat voor rechtdoor. Bij haaientanden en een zebrapad wacht de tram wel.
  • Militaire colonne: blauwe vlag op het eerste voertuig, groene vlag op het laatste. Je snijdt de colonne niet door. Reed het eerste voertuig door groen, dan mag de rest door rood.
  • Grote voertuigen: vrachtwagens en bussen hebben grote dode hoeken, dus blijf achter een afslaande vrachtwagen. Binnen de bebouwde kom laat je een bus wegrijden van de halte.
  • Uitvaartstoet (rouwstoet): elke auto heeft twee uitvaartvlaggen. Je snijdt de stoet niet door, maar hij krijgt geen extra voorrang en stopt gewoon bij rood.
  • Bijzondere manoeuvres: bij wegrijden, achteruitrijden, keren, invoegen, uitvoegen en van rijstrook wisselen laat je al het andere verkeer voorgaan. Op de autosnelweg en autoweg mag je nooit keren of achteruitrijden.

De dode hoek van je eigen auto lees je bij spiegels en dode hoek. Wie op een kruispunt voorgaat, staat bij de basisregels voor voorrang.

Onderdeel 1

Wie zijn weggebruikers, welke waarschuwingsborden horen bij bijzondere weggebruikers en wanneer gaan trams, colonnes en uitvaartstoeten voor?

Op de weg kom je bestuurders, voetgangers en voertuiggroepen met eigen regels tegen. Herken hun plek op de weg, hun signalen en de uitzonderingen die voorrang bepalen.

Bestuurder, voetganger of bijzondere voertuigregel?

Auto, motor, vrachtwagen, bus en tractor zijn motorvoertuigen. Ook een langzaam voertuig kan dus tot die groep behoren.
Auto, motor, vrachtwagen, bus en tractor zijn motorvoertuigen. Ook een langzaam voertuig kan dus tot die groep behoren.

Iedereen die de weg gebruikt is een weggebruiker. Voor voorrang en borden is het nuttig te onderscheiden wie bestuurder is, wie voetganger en welke voertuigregels gelden. Iemand die fietst is bestuurder; iemand met een fiets aan de hand is voetganger. Een ruiter én iemand met een paard aan de hand is bestuurder.

BeeldGroepWat onthoud je?
Auto, bestelauto, motor, vrachtwagen, bus, tractorAuto, bestelauto, motor, vrachtwagen, bus, tractorMotorvoertuigen; ook een langzame tractor blijft een motorvoertuig.
Fiets en gewone e-bikeFiets en gewone e-bikeGeen motorvoertuig in het RVV; wel bestuurder als je erop rijdt. Trapondersteuning bij een gewone e-bike stopt bij 25 km/u.
Snorfiets, bromfiets en speedpedelecSnorfiets, bromfiets en speedpedelecGeen motorvoertuig in de RVV-definitie, wel gemotoriseerd en bestuurder. Een speedpedelec volgt bromfietsregels.
BrommobielBrommobielWettelijk een soort bromfiets, maar voor veel verkeersregels behandeld als een motorvoertuig. Rijdt op de rijbaan, maximaal 45 km/u.
Gehandicaptenvoertuig, zoals scootmobiel of CantaGehandicaptenvoertuig, zoals scootmobiel of CantaEigen voertuigcategorie. Op trottoir/voetpad gelden voetgangersregels; elders de relevante bestuurdersregels.
TramTramGeen motorvoertuig in de RVV-definitie; rijdt op rails en heeft bijzondere voorrangsregels.
Ruiter of iemand die een paard leidtRuiter of iemand die een paard leidtBestuurder, ook zonder motor.
Wandelaar, skeeleraar of iemand met een fiets aan de handWandelaar, skeeleraar of iemand met een fiets aan de handVoetgangersregels; alleen van rechts komen geeft geen voorrang.

Een brommobiel is dus niet zomaar een gewone auto, maar bij verkeersborden kan hij wel onder de voor motorvoertuigen geldende regeling vallen. Verwissel het woord motorvoertuig uit het RVV niet met motorrijtuig uit andere wetgeving. Meer bij bromfiets, e-bike en motor.

Wie gebruikt rijbaan, fietspad en fietsstrook?

Blauw kenteken hoort bij een snorfiets, geel bij een bromfiets. Hun gebruikelijke plek op de weg verschilt.
Blauw kenteken hoort bij een snorfiets, geel bij een bromfiets. Hun gebruikelijke plek op de weg verschilt.

Een brommobiel rijdt op de rijbaan, ook buiten de bebouwde kom op gewone wegen. Een tractor rijdt in beginsel eveneens op de rijbaan en heeft maximaal 40 km/u als zijn uitvoering en de situatie dat toestaan. Het bord voor een autoweg of autosnelweg laat deze voertuigen niet toe: zij voldoen niet aan de daar geldende toegangsvoorwaarden.

Bord of beeldWeggedeelteWie rijdt waar?
Verplicht fietspad G11Verplicht fietspad G11Fietsers en in beginsel snorfietsers gebruiken dit pad. Let op lokale uitzonderingen, borden en onderborden.
Fiets/bromfietspad G12aFiets/bromfietspad G12aFietsers, snorfietsers en bromfietsers gebruiken het pad. Voor bromfietsers gelden hier andere maximumsnelheden dan op de rijbaan.
Fietsstrook met fietssymboolFietsstrook met fietssymboolOnderdeel van de rijbaan voor fietsers en in beginsel snorfietsers. Een bromfiets gebruikt normaal de rijbaan, tenzij de borden anders bepalen.

Een bromfiets of speedpedelec gebruikt het verplichte fiets/bromfietspad waar dat aanwezig en van toepassing is; anders de rijbaan. Op het fiets/bromfietspad is voor een bromfiets normaal maximaal 30 km/u binnen en 40 buiten de kom toegestaan, op de rijbaan maximaal 45. Een gewone fietser heeft niet enkel door het soort fiets een algemene maximumsnelheid van 25 km/u.

Wisselen van pad naar rijbaan: verwacht het op tijd

Dit bord stuurt bromfietsers en speedpedelecs van het pad naar de rijbaan. Geef ruimte en verwacht een snelheidsverschil.
Dit bord stuurt bromfietsers en speedpedelecs van het pad naar de rijbaan. Geef ruimte en verwacht een snelheidsverschil.

Bij een routewisseling kunnen bromfietsers en speedpedelecs naast je de rijbaan op komen. Blijf kijken en geef veilige ruimte; hun richtingaanwijzer of het bord geeft geen toestemming om anderen af te snijden. Fietsers en snorfietsers blijven op hun aangewezen pad, tenzij een plaatselijke regel juist anders bepaalt.

Het fietspad kan je rijroute bij het oprijden én verlaten van de rotonde kruisen. Kijk beide keren naar de routes en voorrangstekens.
Het fietspad kan je rijroute bij het oprijden én verlaten van de rotonde kruisen. Kijk beide keren naar de routes en voorrangstekens.

Op een rotonde let je dus niet alleen op auto’s op de cirkel. Controleer het fietspad voordat je oprijdt en opnieuw voordat je afslaat; fietsers kunnen ook uit de andere richting komen.

Gehandicaptenvoertuigen en voetgangers op de weg

Een gehandicaptenvoertuig heeft een eigen toegestane plaats op de weg. Verwar een Canta niet met een brommobiel.
Een gehandicaptenvoertuig heeft een eigen toegestane plaats op de weg. Verwar een Canta niet met een brommobiel.

Een gehandicaptenvoertuig mag het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of de rijbaan gebruiken. Het gebruik van de rijbaan is niet pas toegestaan als er geen fietspad bestaat. Op trottoir en voetpad geldt maximaal 6 km/u; de overige snelheidsregels hangen af van de plek. Autoweg en autosnelweg zijn niet toegestaan.

Ook een voetganger kan onder de toegestane omstandigheden op de rijbaan zijn. Verwacht hem dus niet uitsluitend op de stoep.
Ook een voetganger kan onder de toegestane omstandigheden op de rijbaan zijn. Verwacht hem dus niet uitsluitend op de stoep.

Voetgangers gebruiken normaal de stoep of het voetpad. Ontbreken die, dan kan het fietspad en, als ook dat ontbreekt, de berm of uiterste zijde van de rijbaan aan de orde zijn. Mensen op skeelers en soortgelijke kleine ongemotoriseerde hulpmiddelen hebben eigen keuzemogelijkheden voor hun plaats op de weg. Je kunt voetgangers dus ook op de rijbaan tegenkomen. Geef kwetsbare weggebruikers ruimte.

Waarschuwingen voor fietsers en ruiters

J24 waarschuwt voor fietsers en bromfietsers. De rode driehoek geeft gevaar aan en regelt op zichzelf geen voorrang.
J24 waarschuwt voor fietsers en bromfietsers. De rode driehoek geeft gevaar aan en regelt op zichzelf geen voorrang.
Het aanvullende bord waarschuwt voor verkeer uit beide richtingen. Kijk dus links én rechts bij het kruisen van het pad.
Het aanvullende bord waarschuwt voor verkeer uit beide richtingen. Kijk dus links én rechts bij het kruisen van het pad.

Een waarschuwingsbord met een fiets is geen toewijzing van een fietspad. Het waarschuwt ook voor bromfietsers; verwar het niet met G11. Ook zonder onderbord kan een fietspad tweerichtingsverkeer hebben. Een breed pad met middenmarkering kan daarop wijzen, maar kijk naar de hele inrichting en borden.

G9 verplicht ruiters het ruiterpad te gebruiken. Dat betekent niet dat zij het pad nooit verlaten of een weg nooit kunnen kruisen.
G9 verplicht ruiters het ruiterpad te gebruiken. Dat betekent niet dat zij het pad nooit verlaten of een weg nooit kunnen kruisen.

Een waarschuwingsbord met uitroepteken en een onderbord met ruiter en richtingen kan overstekende ruiters aankondigen. Houd afstand en voorkom schrikreacties bij paarden. Een verplicht ruiterpad geeft jou geen garantie dat er geen ruiter zal oversteken.

Bijzondere verkeersstromen vergelijken

BeeldWie nadert?Wat bepaalt jouw gedrag?
TramTramOp gelijkwaardige kruispunten en bij afslaan bijzondere regels; eigen voorrangstekens en lichten blijven gelden.
Militaire colonneMilitaire colonneEen begonnen colonne niet doorsnijden. Eerste voertuig door groen: echte colonnevoertuigen mogen volgen.
UitvaartstoetUitvaartstoetEen begonnen herkenbare stoet niet doorsnijden; iedere auto stopt voor rood.
VoorrangsvoertuigVoorrangsvoertuigAlleen de juiste combinatie blauw licht en sirene geeft bijzondere voorrang; maak veilig ruimte.

Deze groepen zijn geen reden om alle gewone verkeersregels te vergeten. Volg aanwijzingen en lichten, lees wie haaientanden heeft en voorkom gevaar. Kies hierboven het aparte subonderwerp voor de volledige regels en voorbeelden.

Je hebt Bijzondere weggebruikers op de weg gehad. Blijft het hangen?

FAQ

Veelgestelde vragen

Korte antwoorden op vragen die vaak terugkomen bij Bijzondere Manoeuvres & Voertuigen.

Wanneer moet je een voetganger voor laten gaan?

Je laat onder meer voetgangers voorgaan die op een zebrapad oversteken of duidelijk willen oversteken, en voetgangers die rechtdoor op dezelfde weg lopen terwijl jij afslaat. Bij een uitrit laat je al het overige verkeer voorgaan. Blinden met een witte stok met één of meer rode ringen en mensen die zich moeilijk voortbewegen bescherm je ook buiten een zebra. Beoordeel bij de oversteek toepasselijke lichten en aanwijzingen; militaire colonnes en herkenbare uitvaartstoeten hebben een specifieke uitzondering op de gewone zebrapadregel.

Blijf actueel oefenen

Je hebt nu de basis van voorrang, voetgangers en bijzondere weggebruikers geleerd. Omdat voorrang vaak afhangt van borden, wegmarkeringen, gedrag en uitzonderingssituaties, train je in onze app met actuele CBR-scenario's om snel te zien wie echt voorgaat.

Klaar om te oefenen?

Test je kennis van Bijzondere Manoeuvres & Voertuigen met 75 oefenvragen in de app.

Auto theorie oefenen

Gratis proefexamen · geen account nodig

Je eerste quiz is gratis en zonder account. Daarna vanaf €34,99 voor 90 dagen toegang.