Onderdeel 5 van 9 van Rijden op de Snelweg

Weersomstandigheden op de snelweg

Weer op de snelweg: een onderbord bepaalt of een snelheidsbord geldt, bijvoorbeeld alleen bij nat wegdek of alleen binnen een tijdvak.

Auto theorie oefenen

Gratis proefexamen · geen account nodig

Regen, sneeuw, mist en harde wind maken de weg gevaarlijker. Rijd dan langzamer, houd meer afstand en stuur, geef gas en rem rustig. De maximumsnelheid blijft een bovengrens: bij slecht weer is de veilige snelheid vaak lager.

Gladheid op de weg: waar is het het eerst glad?

Op bruggen en viaducten. Die koelen sneller af, omdat er ook koude lucht onder doorstroomt. Daardoor kan de weg daar al glad zijn terwijl het nog iets boven nul is.

Een viaduct over de snelweg bij +2 °C: de weg ervoor is nat, het wegdek op het viaduct is bevroren
Bij +2 °C kan het viaduct al bevroren zijn, terwijl de weg ervoor alleen nat is. Rijd daarom vóór het viaduct al rustig.

Let ook op deze plekken:

  • schaduwplekken, waar de zon de weg niet opwarmt;
  • natte bladeren, modder en nieuw asfalt;
  • de eerste regen na een droge periode: vuil en olie maken de weg dan glad.

Bord J20 waarschuwt voor slipgevaar. Zonder onderbord is het niet alleen een waarschuwing voor nat weer. Bord J36 waarschuwt voor ijzel of sneeuw.

Bord J20 met het onderbord bij nat wegdek: hier is slipgevaar als de weg nat is.
Bord J20 met het onderbord bij nat wegdek: hier is slipgevaar als de weg nat is.

Regen en aquaplaning

Ook regen maakt de weg glad en je zicht slechter. Je remweg wordt langer. Verlaag op tijd je snelheid en houd meer afstand. Staat er water op de weg? Dan kun je gaan glijden. Lees wat je dan doet bij aquaplaning.

Regen vermindert het zicht en maakt de remweg langer. Verlaag op tijd je snelheid en laat meer ruimte.
Regen vermindert het zicht en maakt de remweg langer. Verlaag op tijd je snelheid en laat meer ruimte.

Een snelheidsbord met het onderbord bij nat wegdek

Een snelheidsbord met bij nat wegdek geldt alleen als de weg nat is. Is het droog, dan geldt die beperking niet. Andere limieten blijven wel gelden. Een onderbord 6–19h betekent dat het bord alleen tussen die tijden geldt. Wordt tegelijk een matrixsnelheid en een vaste snelheid aangegeven, dan geldt de laagste toepasselijke snelheid. Lees ook matrixborden.

Snelweg in de regen met een bord maximaal 100 km/u; de lesauto rijdt op het natte wegdek met veel afstand tot de auto voor hem
Het bord zegt 100, maar het regent en de weg is nat. 100 is een maximum: rijd langzamer en houd meer afstand.

Rijden in de sneeuw: tips tegen slippen

Op sneeuw stuur, versnel en rem je rustig. Verlaag je snelheid vóór de bocht.
Op sneeuw stuur, versnel en rem je rustig. Verlaag je snelheid vóór de bocht.

Rijd rustig en houd veel ruimte. Deze tips helpen:

  • Verlaag je snelheid vóór de bocht, niet erin.
  • Geef rustig gas, stuur rustig en rem op tijd.
  • Houd veel meer afstand dan normaal. Ook met winterbanden.
  • Kies een rijstrook die goed berijdbaar is en wissel niet onnodig.

Begint de auto te glijden? Neem rustig gas terug, kijk naar waar je heen wilt en maak geen plotselinge stuur- of rembewegingen. Moet je toch een noodstop maken met ABS? Rem dan stevig en blijf drukken. ABS geeft geen extra grip.

Sneeuw op de snelweg: rijd langzamer, houd veel afstand en wissel niet onnodig van rijstrook.
Sneeuw op de snelweg: rijd langzamer, houd veel afstand en wissel niet onnodig van rijstrook.

Met zomerbanden in de sneeuw rijden: mag dat?

Ja, in Nederland mag dat. Winterbanden zijn hier niet verplicht. Maar zomerbanden hebben op sneeuw en ijs veel minder grip. Rijd dan extra rustig, of laat de auto staan. In sommige andere landen gelden wel regels voor winterbanden. Zie zomer- of winterbanden.

Rijden in de sneeuw met een automaat

Met een automaat gelden dezelfde tips: rustig gas geven, vroeg remmen en veel afstand houden. Geef bij het wegrijden zacht gas, zodat de wielen niet gaan spinnen. Heeft je auto een winter- of sneeuwstand? In het instructieboekje staat wat die doet en wanneer je hem gebruikt.

Rijden bij mist

Rijd zo hard dat je kunt stoppen binnen de afstand die je kunt zien. Kijk niet alleen naar de achterlichten van de auto voor je. Gebruik de juiste verlichting. Wanneer je mistlampen gebruikt, lees je bij mistlampen.

Bij mist gebruik je vaste punten, zoals hectometerpaaltjes, om te schatten hoe ver je kunt kijken. Pas je snelheid en verlichting daarop aan.
Bij mist gebruik je vaste punten, zoals hectometerpaaltjes, om te schatten hoe ver je kunt kijken. Pas je snelheid en verlichting daarop aan.

Laagstaande zon

Een laagstaande zon kan tegenliggers en verkeerslichten verbergen. Zorg voor een schone ruit en gebruik je zonneklep. Pas je snelheid aan. Denk eraan dat ook andere bestuurders verblind kunnen zijn.

Harde wind: hoe hard is windkracht 7?

Windkracht 7 is wind van ongeveer 50 tot 61 km/u. Dat is harde wind. Je merkt het vooral als zijwind. Hoge voertuigen, busjes en auto’s met een aanhanger of caravan hebben er het meeste last van.

Rijd langzamer, houd het stuur met twee handen vast en houd extra ruimte opzij bij vrachtwagens. Kom je uit de luwte van een vrachtwagen of een viaduct? Dan kan een windstoot je ineens opzij duwen. Bord J31 waarschuwt voor zijwind.

J31: zijwind
De windzak waarschuwt voor zijwind. Reken op een plotselinge zijwaartse verplaatsing van hoge voertuigen.

Uit koers: twee wielen in de berm of een klapband

Raak je met twee wielen de berm? Trek de auto dan niet plotseling terug het asfalt op. Laat rustig het gas los, houd de auto recht en verminder je snelheid. Stuur pas terug als dat veilig kan. Bij een klapband houd je het stuur stevig vast. Verminder rustig je snelheid en zoek een veilige plek om te stoppen. Ruk niet aan het stuur of de handrem.

De zachte berm geeft minder steun dan het asfalt. Houd het stuur rustig, neem gas terug en stuur pas terug als je snelheid laag genoeg is.
De zachte berm geeft minder steun dan het asfalt. Houd het stuur rustig, neem gas terug en stuur pas terug als je snelheid laag genoeg is.

Oefenen zoals op het examen

Voorbeeldvragen zoals op het CBR-examen

Echte vragen uit de Theorio-app. Soortgelijke vragen kun je verwachten op je CBR-examen.

Vraag 1 van 6

Het is 2 graden boven 0. Moet je dan rekening houden met een glad wegdek door ijsvorming?

Klik op het antwoord dat jij goed vindt.

Antwoordopties

Antwoorden en uitleg bij de voorbeeldvragen

  1. Vraag 1: Het is 2 graden boven 0. Moet je dan rekening houden met een glad wegdek door ijsvorming?

    Juiste antwoord: Ja

    Ja. Zelfs boven het vriespunt kan het wegdek glad zijn, bijvoorbeeld op bruggen en viaducten of door bevriezing van natte weggedeelten aan de grond. 🧊

  2. Vraag 2: Het is 2 graden boven nul. Waar is de kans op gladheid het grootst?

    Juiste antwoord: Op bruggen en viaducten

    Bruggen en viaducten koelen sneller af omdat deze van boven en benenden blootgesteld worden door kou. Daar is de kans op gladheid groter. 🏗️

  3. Vraag 3: Wat kun je doen om te voorkomen dat je hier slipt?

    Juiste antwoord: Minder gas geven

    Bij sneeuw en een glad wegdek is het verstandiger om minder gas te geven en niet abrupt te remmen. Zo voorkom je dat je in een slip terechtkomt. ❄️

  4. Vraag 4: Welke rijstrook kies je?

    Juiste antwoord: Rechterrijstrook

    Het is verstandig om hier de rechterrijstrook te gebruiken, aangezien de linkerrijstrook bedekt is met sneeuw. ❄️

  5. Vraag 5: Na een lange droge periode begint het te regenen, wat kan er met het wegdek gebeuren?

    Juiste antwoord: Het wegdek wordt vettig

    Olie- en brandstofresten trekken na verloop van tijd in het wegdek. Bij regen komen deze resten weer naar boven, waardoor het wegdek vettig wordt. Daardoor kan de weg glad en gevaarlijk worden. 🌧️

  6. Vraag 6: Welke weg is glad?

    Juiste antwoord: Beide

    Natte wegen en nieuw wegdek zijn beide glad. Beide situaties zorgen voor minder grip. 🌧️

FAQ

Veelgestelde vragen

Korte antwoorden op vragen die vaak terugkomen bij dit onderwerp.

Kan het glad zijn als het niet vriest?

Ja. De weg kan kouder zijn dan de lucht, dus ook bij bijvoorbeeld+2 °C kan ijs aanwezig zijn. Bruggen en viaducten kunnen eerder afkoelen doordat er ook lucht onder stroomt. Pas je snelheid en afstand aan vóór een mogelijk glad stuk; de luchttemperatuur alleen garandeert geen grip.

Hoe rijd je bij sneeuw?

Verlaag je snelheid, vergroot afstand en bedien gas, rem en stuur geleidelijk. Vertraag vóór een bocht. Winterbanden geven geen garantie op grip of een korte remweg. Kies waar veilig en toegestaan een bruikbare rijstrook met minder sneeuw, zonder plotselinge strookwissels of andere verboden te negeren. Moet je een noodstop maken met ABS, rem dan stevig en blijf drukken; niet pompen.

Geldt het bord slipgevaar alleen bij nat wegdek?

Nee. Het bord slipgevaar (J20) geldt altijd. Alleen als er een onderbord "bij nat wegdek" onder hangt, geldt het alleen als de weg nat is.

Klaar om te oefenen?

Test je kennis van Rijden op de Snelweg met 80 oefenvragen in de app.

Auto theorie oefenen

Gratis proefexamen · geen account nodig

Je eerste quiz is gratis en zonder account. Daarna vanaf €34,99 voor 90 dagen toegang.