Autoweg: snelheid en regels
Op een autoweg geldt meestal 100 km/u en minimaal 50 km/u. Let op borden en actieve matrixborden: die zijn leidend.
Voor het CBR moet je een autoweg direct herkennen aan het blauwe bord met een witte auto. Daarna bepaal je de snelheid: normaal maximaal 100 km/u en minimaal 50 km/u, tenzij borden of matrixborden iets anders aangeven.
Op examenvragen is het verschil met de autosnelweg belangrijk: autoweg = witte auto op blauw bord, geen snelwegsymbool.
Autoweg of autosnelweg? Zo zie je het verschil
Waarschijnlijk weet je wel ongeveer hoe een autosnelweg eruitziet, maar in een examenvraag is dat niet altijd even duidelijk. Er zijn twee betrouwbare manieren om het te bepalen: het bord en de hectometerbordjes.
Een autoweg wordt aangegeven met een blauw bord met een witte auto erop. Zie je het bord met de auto, dan zit je op de autoweg. Een autosnelweg heeft een blauw bord met een dubbele rijbaan en een viaduct.


Staat er geen bord in beeld, kijk dan naar de hectometerbordjes langs de weg:
- A + cijfer = Autosnelweg (A4, A2).
- N + cijfer = Niet-autosnelweg (N11, N207).
3 type markeringen
A. Dubbele witte middenstrepen met groene kleur ertussen: 100 kilometer per uur
B. Dubbele witte middenstrepen zonder groene kleur: 80 kilometer per uur

C. Geen middenstreep: 80 kilometer per uur

Ezelsbruggetje voor de groene strook: een biljet van 100 euro is ook groen. Groen = 100 km/u.
Kijk altijd of borden de snelheid aanpassen
- Net als op andere wegen kan de snelheid op een autoweg worden aangepast.
- Zie je een rond wit bord met rode rand en een snelheid, dan geldt die maximumsnelheid. Hier geld een maximale snelheid van 90 km/u.

- Zie je een actief matrixbord, dan is dat leidend.

Waarom een autoweg risico's kent die je niet verwacht
A-wegen — autosnelwegen — zijn ondanks de hoge snelheid relatief veilig: iedereen rijdt dezelfde kant op, er zijn geen kruisingen en geen tegenliggers.
De meeste ongelukken gebeuren juist op wegen waar je 50 tot 80 km/u mag rijden. Daar rijden voertuigen met heel verschillende snelheden door elkaar, en heb je wél te maken met kruisingen en tegenliggers.
Automobilisten zien motorrijders minder snel aankomen. Daarom komen botsingen tussen auto's en motoren juist op dit soort wegen vaak voor. Kijk bij een kruising of inhaalmanoeuvre dus bewust nog een keer extra.
Verschillen die het CBR graag test
| Situatie | Autoweg | Autosnelweg |
|---|---|---|
| Herkenningsbord | Blauw bord met witte auto | Blauw bord met weg/viaduct |
| Hectometerbordje | N + cijfer | A + cijfer |
| Normale maximumsnelheid | 100 km/u | 130 km/u, tenzij anders aangegeven |
| Minimumsnelheid | 50 km/u | 60 km/u |
| Matrixbord actief | Volgen | Volgen |
CBR-valkuil
Veel leerlingen kiezen bij een autoweg per ongeluk 130 km/u, omdat ze het bord verwarren met een autosnelweg of denken dat "snelle weg" automatisch snelweg betekent. Op het examen moet je eerst het juiste bord herkennen en pas daarna de snelheid kiezen. RVV 1990 artikel 42
Een tweede fout is denken dat 100 km/u alleen maximum betekent. Op de autoweg hoort ook een minimumsnelheid van 50 km/u.
Een derde fout is een actief matrixbord negeren. Als het matrixbord een lagere snelheid toont, geldt die snelheid op dat moment.
Laatste veelgemaakte fout: De minimale snelheid op een autoweg is 50 km/u. Voertuigen die die snelheid niet kunnen halen, zoals een trekker (tractor), brommobielen en bromfietsen, mogen daarom niet op een autoweg rijden. Meer informatie over deze voertuigen kan je hier vinden.